Geheel het katholiek geloof en niet minder!
De katholieke geloofsbelijdenis van de Priesterbroederschap Sint-Pius X, gepubliceerd op 24 juni 2026, wordt op de vrijdagen in verschillende delen gepresenteerd. In dit eerste deel wordt uitgelegd waarom het vandaag de dag nodig is om het geloof volledig te belijden, zonder ook maar iets af te doen aan de leer die door de Kerk is doorgegeven. Beschermen we het geloofsgoed net als St. Jozef het Jezuskind!
In de naam van de heilige en onverdeelde Drie-eenheid,
Vader, Zoon en Heilige Geest.
Preambule
- Ik belijd en omarm de volledige waarheid van het katholiek geloof, zoals deze “door de apostelen uit de mond van Onze Heer Jezus Christus zelf is ontvangen, of door de apostelen zelf onder leiding van de Heilige Geest van hand tot hand is doorgegeven[i]”, vervolgens getrouw bewaard is gebleven en in een ononderbroken opvolging binnen de katholieke Kerk tot ons is gekomen, via de prediking van de pausen en de bisschoppen, de geschriften van de kerkvaders en theologen, en de besluiten van de heilige concilies[ii].
- Ik aanvaard vastberaden alle waarheden die de onfeilbare Kerk heeft voorgesteld als goddelijk geopenbaard en noodzakelijk voor het heil, hetzij door de definities van haar plechtig Leergezag, hetzij door de eenstemmigheid van haar gewoon en universeel Leergezag[iii]. Ik aanvaard eveneens alles wat tot de katholieke leer behoort vanwege een noodzakelijk verband met het geopenbaarde geloofsgoed[iv], en ik beschouw de waarheden als zeker die de Kerk standvastig heeft onderwezen om dit geloofsgoed tegen dwalingen te beschermen[v].
- Ik verwerp dan ook alle dwalingen die in strijd zijn met dit geloof, in het bijzonder die van het liberalisme, het indifferentisme, het modernisme, de oecumene en het secularisme, die door de Pausen Pius IX[vi], Leo XIII[vii], de heilige Pius X[viii], Pius XI[ix] en Pius XII[x] zijn veroordeeld. Deze dwalingen vertroebelen immers de geopenbaarde leer, verdraaien de Traditie, ontsieren de heilige liturgie, bederven de zeden, verzwakken de missionaire geest en ontwrichten de christelijke sociale orde, waardoor zij het heil van de zielen ernstig schaden.
- Ik belijd dit geloof en verwerp alle dwalingen die daarmee in strijd zijn, omdat ik trouw onderworpen wil blijven aan de heilige, apostolische en rooms-katholieke Kerk, de Lerares van de waarheid, evenals aan de paus, de plaatsvervanger van Christus, in mijn verbondenheid met het eeuwige Rome, dat de opdracht heeft ontvangen om het geopenbaarde geloofsgoed heilig te bewaren en getrouw uiteen te zetten tot aan het einde van de tijden.
- Ik voeg hieraan toe dat het, in de huidige verwarring, niet langer volstaat om enkele afzonderlijke waarheden in herinnering te brengen. Het wordt onontbeerlijk om de gehele orde van de katholieke leer volledig in het licht te stellen, in haar bovennatuurlijke samenhang en haar stralende harmonie, zonder enig dogma weg te laten, zonder enige waarheid te verzwakken, zonder de ontvangen geloofsleer te vervangen door dubbelzinnige of vertekende taal die, onder het voorwendsel van oecumene of aanpassing aan de wereld, deze leer met steeds grotere vrijpostigheid misvormt.
- De liefde zelf gebiedt ons deze leer met duidelijkheid, geduld en kracht te belijden, tot glorie van God, tot eer van de Kerk en tot heil van de zielen.
[i] Concilie van Trente, vierde zitting (8 april 1546), Decreet inzake de aanvaarding van de heilige boeken en de tradities, DS 1501.
[ii] Concilie van Trente, ibidem; Bul Exsultate Deo (22 november 1439), Decreet betreffende de Armeniërs, DS 1328; Antwoord van de Bijbelcommissie (24 juni 1914), DS 3591.
[iii] Pius IX, Apostolische Brief Tuas libenter (21 december 1863), DS 2879; Eerste Vaticaans Concilie (1870), Dogmatische Constitutie Dei Filius, hoofdstuk III, DS 3011.
[iv] Antwoord van de Bijbelcommissie (29 mei 1907), DS 3398.
[v] Decreet van het Heilig Officie (5 juni 1918), DS 3645-3647; Antwoord van het Heilig Officie aan de aartsbisschop van Cambrai (19 augustus 1889), DS 3258; Antwoord van het Heilig Officie aan een bisschop uit Brazilië (5 augustus 1896), DS 3312; Decreet Provida sapientique cura (18 januari 1906), DS 3388; Antwoord van de Heilige Penitentiarie (3 juni 1916), DS 3640.
[vi] Encyclieken Qui pluribus (9 november 1846) en Quanta cura (8 december 1864) met de Syllabus.
[vii] Encyclieken Immortale Dei (1 november 1885), Libertas (20 juni 1888), Sapientiae christianae (10 januari 1890) en Au milieu des sollicitudes (16 februari 1892).
[viii] Encycliek Pascendi (8 september 1907) en Decreet Lamentabili (3 juli 1907); Encycliek Vehementer nos (11 februari 1906) en Apostolische Brief aan de bisschoppen van Frankrijk Notre charge apostolique (25 augustus 1910).
[ix] Encyclieken Quas primas (11 december 1925) en Mortalium animos (6 januari 1928).
[x] Encyclieken Orientales omnes ecclesias (23 december 1945) en Humani generis (12 augustus 1950); Toespraak tot de katholieke juristen (6 december 1953).
(Bron: FSSPX Actualités)
Foto : Priorij Gerwen